Kennisdelingsbijeenkomst interprofessioneel leren en opleiden

14 juni 2018

De zorg zal in de toekomst steeds vaker vanuit netwerken en zorgteams aangeboden worden. Maar wat betekent dit voor de benodigde competenties van medisch specialisten? En hoe kun je aios al tijdens de opleiding leren om interprofessioneel te werken? Om hier inzicht in te krijgen, bracht de Federatie Medisch Specialisten het afgelopen jaar verschillende initiatieven op dit gebied in kaart. Tijdens een kennisdelingsbijeenkomst op 5 juni deelden de trekkers van deze initiatieven hun ervaringen met interprofessioneel leren en opleiden.

De aftrap van de bijeenkomst werd gegeven door Vivienne Schelfhout, directeur Opleiding, Wetenschap & Innovatie van de Federatie. Zij benadrukte het belang dat de Federatie hecht aan netwerkgeneeskunde en interprofessioneel opleiden.

Vervolgens deelde Marijn Jansen de bevindingen uit haar promotieonderzoek naar samenwerkingsaspecten tussen huisartsen en medisch specialisten. Marijn is aios interne geneeskunde en promovenda opleiden in transmurale samenwerking in het Radboudumc. In haar presentatie gaf zij opheldering over het verschil tussen multidisciplinaire en interprofessionele samenwerking. Multidisciplinair verwijst eerder naar de samenstelling van een team en zegt weinig over de interactie tussen de verschillende zorgverleners. Bij interprofessionele samenwerking wordt gewerkt op basis van gedeelde uitgangspunten, vanuit een zorgplan, om op deze manier tot een effectieve samenwerking te komen en daarmee het beste resultaat met en voor de patiënt te bereiken. In haar onderzoek heeft Marijn met behulp van de Delphi-studie in kaart gebracht wat patiënten, huisartsen en medisch specialisten (bij het onderzoek waren ook aios betrokken) van elkaar verwachten. Gebleken is dat veel items herkenbaar terugkomen in de CanMEDS-competenties. Tijdens de opleiding valt al veel te leren door in de praktijk informatie uit te wisselen en je te verdiepen in de context van de ander. Hoe de vertaling gemaakt kan worden naar de vervolgopleidingen is een onderwerp voor een vervolgonderzoek. Het Radboudumc heeft hiervoor een subsidieaanvraag ingediend bij ZonMw.

Succesfactor

‘Hoe kun je interprofessioneel leren en opleiden vormgeven in de organisatie?’ Deze vraag stond centraal tijdens de volgende drie presentaties. De eerste werd gegeven door Saskia Peerdeman, neurochirurg en voorzitter TeAMS in het VUMC. TeAMS (Training en Assessment voor Medisch Specialisten) is een ziekenhuisbreed interprofessioneel trainingsprogramma. Dit programma is voortgekomen uit het gedeelde besef dat interprofessionele samenwerking essentieel is voor de continuïteit en kwaliteit van de patiëntenzorg. Een belangrijke succesfactor voor TeAMS is dan ook dat op strategisch niveau de Raad van Bestuur het belang hiervan uitdraagt en structureel hierover met de medische staf en de divisieleiding in gesprek is. TeAMS gaat er vanuit dat verschillende zorgsituaties om verschillende samenwerkingsverbanden vragen. Dit uitgangspunt is vertaald in vier basisprincipes: train de teams die in de praktijk samenwerken, train alleen situaties die relevant zijn voor die teams en train teamvaardigheden die direct gebruikt kunnen worden.

Rolmodel

Nynke Scherpbier, huisarts en opleidingsdirecteur extramurale vervolgopleidingen in het Radboudumc, presenteerde vervolgens een aantal initiatieven op het gebied van samenwerking tussen eerste en tweede lijn. Deze initiatieven zijn gebaseerd op de visie van OOR Nijmegen op transmurale zorgverlening. Uitgangspunten hierbij zijn dat transmurale samenwerking een expliciet onderdeel is van de competentie samenwerking en dat transmurale samenwerking als leerdoel opgenomen is in alle (regionale) opleidingsplannen. Als belangrijke succesfactoren noemde Nynke de eerstelijns vertegenwoordiging in het COC-bestuur; de aanstelling van een kwartiermaker interprofessioneel opleiden; de samenwerking met de Hogeschool Arnhem Nijmegen (HAN) en de betrokkenheid van aios. Het zijn immers de aios die voor een groot deel zelf het interprofessioneel leren en opleiden vormgeven.

Tot slot presenteerde Dick Snijdelaar, anesthesioloog en medisch manager van het leerhuis in Ziekenhuis Gelderse Vallei, het IPSEL-project (InterProfessioneel Samenwerken En Leren). Ook hij benadrukte dat complexe zorg om een interprofessioneel team vraagt waarvan de leden gezamenlijk de verantwoordelijkheid nemen voor de patiënt outcome. Hierbij is het belangrijk dat zorgprofessionals leren met en van elkaar, elkaars professionele rol (weer) leren kennen én een gemeenschappelijke taal spreken. Het programma heeft tot doel samenwerkingsvaardigheden van zorgprofessionals in teams te versterken, waarbij de medisch specialist een rolmodelfunctie heeft. Dit uitgangspunt werd volmondig door de sprekers en deelnemers in de zaal beaamd.

 

Gezien het succes van deze bijeenkomst hebben de deelnemers aangegeven behoefte te hebben aan een vervolgbijeenkomst op een later moment. De Federatie zal de organisatie op zich nemen