Palliatieve zorg: verplichte kost of vrije verdieping?

15 maart 2018

In de nieuwe editie van het magazine ‘De Medisch Specialist’ die vanaf vandaag op de mat ligt, gaan longartsen Sander de Hosson en Leon van den Toorn in gesprek over de vraag hoe in de medische vervolgopleidingen aandacht besteed moet worden aan palliatieve zorg. ‘Vanuit mijn eigen opleiding herinner ik me amper aandacht voor zorg rond het levenseinde. Ik had daar graag meer over geweten.’

Longarts Sander de Hosson vindt het een gemiste kans dat dit onderwerp niet verankerd is in het nieuwe opleidingsplan. ‘Longarts zijn is meer dan pillen voorschrijven. Stervende mensen begeleiden is ons dagelijks werk. Ik pleit voor veel meer aandacht voor die allerlaatste fase waarin pijnbestrijding, afscheid nemen en sterven centraal staan. In de vervolgopleiding is dit wat mij betreft verplichte kost en ik vind ook dat tijdens de basisopleiding hier aandacht voor moet zijn. Met steeds ouder wordende patiënten zal nagenoeg iedere arts ermee in aanraking komen.’

Onbewust onbekwaam

Longarts Leon van den Toorn, die onlangs meewerkte aan dit nieuwe opleidingsplan ziet het belang van palliatieve zorg, maar vindt niet dat jonge dokters te weinig ervaring opdoen tijdens hun vervolgopleiding. ‘Iedere longarts is dagelijks in de weer met patiënten in hun laatste levensfase, dus worden aios er ook mee geconfronteerd. Het is aan de opleider ze hierin goed te begeleiden en er veel over te praten.’
De Hosson snapt dat aios in de praktijk met enige vorm van palliatieve zorg in aanraking komen. Maar hij verwacht niet dat ze dan de kern raken. ‘Ze zullen heus voldoende kennis verwerven over palliatieve sedatie, euthanasie en pijnbestrijding. Ik vind echter dat er ook ruimte moet zijn voor die existentiële zorg, voor gesprekken met patiënten over hun levensproblematiek, hun angsten. Je spreekt daar echt niet zo gemakkelijk over; jonge dokters moeten aangemoedigd worden er veel met elkaar over te praten. Nu ben ik bang dat er straks longartsen aan de slag gaan, die op dit vlak onbewust onbekwaam zijn.’

Ruimte voor individuele wensen

Daar zet van den Toorn zijn vraagtekens bij. Hij denkt dat er met de huidige discussie in de maatschappij over het al dan niet doorbehandelen van oudere kwetsbare patiënten juist meer aandacht is voor palliatieve zorg. Daarnaast biedt het nieuwe opleidingsplan ruimte voor individuele wensen. Dat vindt hij een grote stap vooruit. ‘Een longarts met affiniteit met kwetsbare ouderen kan nu juist meer ervaring opdoen met palliatieve zorg. En een meer ‘technisch’ georiënteerde longarts hoeft zich er wellicht minder in te verdiepen. De aios heeft nu de ruimte om zich een bepaald verdiepend profiel aan te meten – al dan niet met een grote portie palliatieve zorg.’