‘We hebben nog overwogen om een biefstuk op te sturen naar de online deelnemers’

Online onderwijs heeft door COVID-19 een grote vlucht genomen. Hier en daar was er een slapeloze nacht door zorgen om de techniek, maar vooral: heel veel inventiviteit en enthousiasme om in korte tijd fysieke cursussen en congressen om te bouwen naar een digitale variant. 

Licht en geluid klaar, camera’s en autocue aan, 3-2-1 en LIVE! Een onlinecongres heeft veel weg van een televisie-uitzending. ‘Ja, daar leek het echt op. De sprekers belden vanuit huis in, wij plaatsten ze in de virtuele wachtkamer totdat ze aan de beurt waren en dan lieten we ze toe tot de ‘main room’ als ze aan de beurt waren. Net als de regie bij tv’, vertelt Esther Jacobs, senior-adviseur Opleiding & Onderwijs bij de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde (NVvH). De NVvH verzorgde gratis webinars en livestreams van operaties op menselijk specimen en besloot om ook twee CASH-cursussen (Cursorisch onderwijs aios Heelkunde) online te geven. Traumachirurg Roderick Wouters, docent van de CASH-cursus traumachirurgie voor eerstejaars aios en bestuurslid CASH: ‘Voor veel aios lag de opleiding door COVID-19 stil. Ze hadden weinig chirurgisch werk. Een groot deel van hen was in januari begonnen en dus pas vier maanden met opleiding bezig. We wilden hen toch de kans geven met hun opleiding bezig te zijn.’ 

Wet Lab

De CASH-cursus Traumachirurgie werd gecoördineerd vanuit de Domus Medica in Utrecht, de CASH-cursus Operatieve technieken & de OK vanuit het Amsterdam Skills Center. De vorm verschilde. Traumachirurgie ging volledig via een Zoom Meeting, met vier workshops van 45 minuten, die bestonden uit plenaire sessies in de main room en opdrachten in subgroepen in virtuele break-out-rooms. Bij de CASH-cursus Operatieve technieken & de OK ging het onder andere om een sessie vanuit het zogeheten Wet Lab, een operatiekamer waarin operatieve technieken en instrumenten worden toegelicht en gedemonstreerd.

Halsoverkop

Ook de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) besloot halsoverkop om het verplichte onderwijs in maart digitaal aan te bieden. Normaal gesproken vindt dit onderwijs – een cyclus van drie dagen per jaar met afsluitend een examen – plaats op een grote evenementenlocatie in het midden van het land. Odette de Beer, projectcoördinator en ambtelijk secretaris van het concilium orthopedie: ‘Op vrijdag 13 maart zou er weer een onderwijsdag voor 120 deelnemers zijn in congrescentrum NBC in Nieuwegein. De maandag ervoor besloten we om er een GoToMeeting van te maken. De sprekers waren immers al geboekt en een GoToMeeting-account voor maximaal 150 deelnemers hadden we ook al. In die week hebben we volop geoefend met de sprekers, die hun voordracht vanaf hun werk of thuis gaven.’ 

Studio op locatie

De Nederlandse Vereniging voor Neurologie (NVN) besloot twee weken voor de jaarlijkse tweedaagse verplichte nascholing, de zogeheten Biemond Cursussen, digitaal te gaan. Op de cursuslocatie, het NH Hotel in Noordwijkerhout, werd snel een studio ingericht. Adjunct-directeur Marjolein van Kalles van de NVN: ‘Sommige sprekers waren niet direct enthousiast. Het is ook echt anders om je voordracht voor een camera te houden in plaats van een zaal met mensen.’ De avond vooraf kregen de dagvoorzitters een korte cursus camerapresentatie met tips en tricks. Zoals: steeds je publiek blijven betrekken, bijvoorbeeld na pauzes zeggen: ‘welkom terug, fijn dat jullie er weer zijn’. Of, als iemand een vraag stelt: even vragen naar de achtergrond van diegene, bijvoorbeeld in welk ziekenhuis hij of zij werkt. ‘Dat soort persoonlijke details houden de deelnemers erbij. Achteraf hebben we eigenlijk van alle sprekers gehoord dat het hen enorm was meegevallen en dat ze het een leuke en gezellige dag vonden waar ze veel van hebben geleerd’, zegt Van Kalles. 

Even koffie pakken

Aios waren ook overwegend enthousiast. Tessa Schut, vijfdejaars aios neurologie: ‘Natuurlijk is je eerste idee: wat jammer dat ik mijn collega’s uit andere regio’s nu niet zie. Tegelijkertijd was het erg fijn om vanuit Nijmegen niet de hele rit naar het westen te hoeven maken. De uitzending zelf verliep naar mijn idee perfect, er was zelfs mogelijkheid tot het stellen van vragen. Voor het sociale aspect heb ik een Whatsapp-groep aangemaakt met mijn collega's, zodat we daar nog wat dingen konden delen. Ik heb normaal wel wat moeite om mijn aandacht erbij houden in zo'n donkere zaal met meerdere praatjes na elkaar. Nu kon ik zelf bepalen waar ik ging zitten. En even koffie pakken als ik daar behoefte aan had.’

Écht oefenen

Veel onderwijs kan digitaal, maar niet alles. Oefenen op menselijk weefsel bijvoorbeeld, zoals in de CASH-cursus Operatieve technieken & de OK. Esther Jacobs: ‘We hebben nog even overwogen om elke deelnemer per post een biefstuk en een diathermie-apparaat te sturen, maar dat werd teveel gedoe. Het fysieke oefenen met apparatuur of technieken bleef daardoor uit. Bij een volgende fysieke cursus willen we video-opnamen van deze technieken maken, zodat we die eventueel ook online kunnen inzetten. Bijvoorbeeld het onderzoek van de knie of de repositie van de distale radius. Al blijft écht oefenen altijd nodig in de heelkunde. We zijn daarom nog aan het broeden op hybride onderwijs: een combinatie van online en fysiek. Wellicht kan het oefenen lokaal of regionaal. Voorop blijft staan: wat is ons doel en wat is onze doelgroep? Daar stemmen we de vorm op af.’

Groter bereik

De voordelen van online onderwijs liggen voor de hand. De Beer: ‘Het scheelt veel geld: je hoeft geen locatie met catering te huren en je bespaart alle deelnemers en sprekers reistijd en reiskosten. Je reist niet zo snel voor een paar uur vanuit Groningen naar Nieuwegein en voor online onderwijs log je zo even in. Met de techniek gaan natuurlijk wel kosten gepaard, afhankelijk van je aanpak. Daar staat tegenover dat het bereik groter kan zijn: online bijeenkomsten zijn ook bij te wonen voor mensen die minder flexibel of mobiel zijn, zoals mensen met zwangerschapsverlof of een gebroken been. Of mensen die ’s avonds de nachtdienst ingaan en overdag tijd over hebben voor bij- of nascholing.’

Winst

‘Kennis overbrengen voor weinig geld’, zo vat Van Kalles de grote winst van online onderwijs samen. ‘Kort geleden zou het Europese neurologiecongres plaatsvinden, waarvoor duizenden deelnemers jaarlijks afreizen naar een stad in Europa. Nu was het programma volledig digitaal te volgen: de organisatie heeft twee dure congresdagen omgebouwd naar een online programma waaraan neurologen uit de hele wereld gratis konden deelnemen. Ook vakgenoten uit armere landen konden er nu bij zijn. Dat vind ik geweldig.’

Kwestie van wennen

Natuurlijk zijn er ook minder positieve ervaringen. Urenlang kijken naar een beeldscherm valt sommigen zwaar, blijkt uit de evaluatie. De Beer: ‘Misschien is dat een kwestie van wennen. Een congresdag lang luisteren naar sprekers op een podium of in een zaaltje is ook vrij vermoeiend.’

Interactie is cruciaal. Bij online onderwijs misschien nog wel meer dan bij de fysieke vorm. Aios Tessa Schut: ‘Ik vind het live aspect erg belangrijk bij onderwijs op afstand. Het is fijn als je direct vragen kunt stellen en dat die dan tijdens of na het onderwijs worden besproken. Tijdens een presentatie maak ik zelf graag gebruik van de chatfunctie. Zo hoef je de presentatie niet te onderbreken en kan de presentator zelf kiezen wanneer hij de vragen beantwoordt.’

Onderdelen skippen

De techniek wil interactie nog wel eens in de weg staan. De Beer: ‘Eén vast en zeer populair programmaonderdeel moesten we helaas skippen: de quiz, die we normaal gesproken na elk plenair onderdeel hebben. Aios doen daar vaak in groepjes fanatiek aan mee, om kans te maken op de wisselbokaal. Met de software die we gebruikten kregen we de quiz niet van de grond; die kon de resultaten van de quizvragen niet bij elkaar optellen. Ik hoop dat we daar voor een volgende keer nog iets op vinden. Misschien via Zoom.’

Interactie aangewakkerd

Bij de CASH-cursus Operatieve technieken & de OK viel de geplande Kahoot-quiz in duigen. Door het mixen van videobeelden ontstond vertraging in de lijn. Jacobs: ‘Daardoor hadden deelnemers nog maar twee seconden om de quizvraag te beantwoorden. Eigenlijk is dat wel een les: hoe meer fancy dingetjes je inbouwt, hoe onzekerder de techniek wordt.’ Wel is er op andere manieren interactie aangewakkerd tussen de deelnemende aios. Wouters: ‘We hebben de aios veel vaker dan normaal in subgroepen opdrachten laten maken. Een typische CASH-opdracht is bijvoorbeeld: bekijk de foto en maak een inschatting van de ernst van deze brandwonden. Bij de fysieke bijeenkomst doen we dat plenair, bij de online bijeenkomst lieten we de aios de mate van verbranding in subgroepen, al overleggend, samen bepalen en in de main room plenair terugkoppelen. Dat werkte heel goed.’ 
 

Kat op schoot

Bij de Biemond Cursussen van de NVN is ook in de pauzemomenten naar interactie gezocht. Aan de deelnemers werd gevraagd om een foto te sturen van de plek waar hij of zij de cursus volgde. Van Kalles: ‘Die foto’s lieten we tijdens de pauze in een loop draaien. Op de eerste cursusdag waren de foto’s nog een beetje tam, op de tweede dag werden ze steeds ludieker: thuis op de bank met baby of kat op schoot, samen gezellig met taart in een zaaltje in het ziekenhuis, met de iPad op de hometrainer.’

Moment suprême

De NOV besloot ook het afsluitende examen van de orthopedie-module digitaal te laten doen. De Beer: ‘Daar hebben we wel een beetje tegenaan zitten hikken, omdat eerdere ervaringen met een online examen niet bepaald positief waren. Op het moment dat alle deelnemers inlogden klapten de lijnen eruit. Deze keer ging het goed: op alle 28 examenlocaties hebben we het examen digitaal kunnen afnemen. Opleiders ter plaatse zetten op lokale pc’s de pdf met de examenvragen klaar en de deelnemers antwoordden via Google Forms. Natuurlijk heb ik er wel even slapeloze nachten van gehad: gaat het allemaal goed, loopt Google Forms niet vast op het moment suprême? Gelukkig verliep het allemaal perfect’, vertelt De Beer opgelucht. 

Ideale mix

Wordt online onderwijs de nieuwe standaard? Schut: ‘Dat hoop ik niet. Hoe goed het ook is verlopen, onderwijs blijft wat mij betreft ook een sociale interactie en dat is toch minder op afstand. Als alles digitaal is verlies je het contact met je collega's en dat is jammer. Voor de toekomst hoop ik dat je kunt kiezen tussen digitaal en fysiek onderwijs. Dan kun je zelf een goede balans vinden.’ De Beer: ‘In november staat weer een onderwijsdag op het programma. Die doen we ook digitaal. Misschien wordt de volgende, in januari, dan weer op locatie en die daarna in maart weer digitaal. Eén keer op locatie en twee keer vanaf thuis: dat lijkt me een ideale mix.’

Heldere keuze

Van Kalles: ’Ik had deze online vorm beslist niet bedacht als er geen COVID-19 was geweest. De vorm en locatie van onze Biemond Cursussen is al jaren zó vanzelfsprekend. Nu we er ervaring mee hebben gaan we het wellicht vaker online aanpakken. In december staat er een bijeenkomst gepland voor rond de 750 deelnemers. Tegen die tijd is zo’n groot aantal mensen bij elkaar brengen nog niet verantwoord of toegestaan, verwachten wij. Die gaan we dus ook online doen. Eigenlijk was de keuze voor ons heel helder: we doen het niet of we doen het online.’

Online onderwijs: tips en tricks

  • Kies waar nodig en mogelijk voor een hybride vorm (online onderwijs en bijvoorbeeld lokaal oefenen/examen doen)
  • Zorg voor een minutieuze voorbereiding, een helder draaiboek en een strak tijdschema
  • Houd een technische doorloop met dagvoorzitter en sprekers: werkt je presentatie, hoe gebruik je je pointer, hoe deel je je scherm met je presentatie met de deelnemers? 
  • Laat deelnemers de software downloaden via de app van de betreffende softwareleverancier. Niet op een telefoon (klapt er vaak uit), maar op een tablet of een pc. Dat zorgt voor een stabieler systeem
  • Bij online onderwijs mist de deelnemer vaak het sociale praatje, het netwerkmoment. Kijk of er een online alternatief geboden kan worden om dit te ondervangen.
  • Laat deelnemers aan livestreams vooraf inschrijven en zo nodig vooraf een vertrouwelijkheidsverklaring ondertekenen (bijvoorbeeld als ze gaan kijken naar een live operatie)
  • Toon een pauzeterugloopklok in beeld, zodat deelnemers zien wanneer het weer begint
  • Kijk of je het programma wat kunt indikken, maar houd de pauzes wel overeind!